"Nu nog een boek over Krakatau? " hoor ik zeggen. - Ja lezer, ik waag het, meer dan zeven jaren na de groote uitbarsting met dit onderwerp voor den dag te komen; een enkel woord van toelichting is daarom zeker niet overbodig.

In 1884 en 1885 verscheen "Krakatau", door R. D. M. Verbeek, uitgegeven op last van Zijne Excellentie den Gouverneur-Generaal van Nederlandsch Indië. Dit werk is in vorm en inhoud een meesterstuk. De naam van Verbeek is hierdoor ten eeuwigen dage verbonden aan de meest grootsche geologische gebeurtenis van onzen tijd. Zijn arbeid is klassiek. Uit eene overstelpende hoeveelheid materiaal schiep hij één geheel; hij heeft met "Krakatau" eene onvergankelijke eerezuil gesticht niet alleen voor zichzelf, maar ook voor het corps der Indische mijningenieurs.
Onmogelijk is het na zijnen arbeid over Krakatau te schrijven, zonder zijn werk als basis te nemen. "En toch durft ge nog over Krakatau schrijven !" hoor ik mij toevoegen .
Als het werk van Verbeek in ieders handen was, dan zou dit boek geen reden van bestaan hebben. Dit is echter niet het geval, daar het in de eerste plaats een wetenschappelijk boek is, het standaardwerk. Eene voor allen bevattelijke behandeling van dit onderwerp ontbrak tot nu toe in onze taal. Toch is juist daar behoefte aan. Want toen Camille Flammarion in 1890 een werkje in het licht gaf, getiteld : "de l' Eruption du Krakatoa et les tremblements de terre etc.," vond dit èn in ons land èn in Indië zooveel lezers, dat hieruit duidelijk bleek, hoezeer eene populaire behandeling van dit onderwerp gewenscht was.
De firma Thieme & Cie wendde zich tot den heer Dr. B. C. Goudsmit, den man, die, reeds zoovele werken van Camille Flammarion op zulk een uitstekende wijze in een Nederlandsch kleed heeft gestoken, met het verzoek ook dit werkje te vertalen.
Hoewel het boek van Flammarion is aangekondigd als een "Oeuvre absolument inédit", is het in zijn geheel een afdruk van de artikelen door den geleerden schrijver in 1884 en 1885 in zijn tijdschrift "l' Astronomie populaire" geschreven.
---
Dat ik ooggetuige was van de groote uitbarsting in Augustus 1883, daarin steekt op zich zelf al zeer weinig verdienstelijks. Mijne indrukken gaf ik weer in eene particuliere correspondentie in de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 23 October 1883 onder den titel: "eene Zeebeving." Op verzoek van Camille Flammarion gaf ik eene beschrijving van de uitbarsting in het: "Bulletin mensuel de la société Flammarion à Argentan," Dec. 1883 en Juni 1884, waarvan het eerste gedeelte ook in "la Nature" verscheen. De groote verdienste, die deze opstellen hadden, was hunne actualiteit; zij waren nagenoeg de eerste opstellen, die in Frankrijk over Krakatau werden gepubliceerd.
De artikelen van Camille Flammarion in de "Astronomie populaire", die in 1890 in één bandje het licht zagen, bestaan hoofdzakelijk uit aanhalingen uit deze opstellen.
Aan hare actualiteit is het dan ook toe te schrijven, dat mijne beschrijving der uitbarsting in zoovele Fransche, Duitsche en Engelsche tijdschriften werd overgenomen en ook in het Russisch is vertaald. Toen ik haar samenstelde was het reuzenwerk van Verbeek nog niet verricht.
Zij was geschreven onder den indruk van de vreeselijke uren op het schip de "Gouverneur Generaal Loudon" doorgebracht tijdens de uitbarsting. Een dergelijke indruk kan niet geheel zuiver zijn.
Bezoek het monument voor Telok Betong in Bandar Lampung, Lampung.
Ik zou echter niet gaarne het vaderschap op mij nemen van de vele onjuistheden, die de heer Flammarion, destijds zeer geïmpressionneerd door "le cataclysme de Java", in de "Astronomie" heeft afgedrukt en die zeer getrouw in zijn werkje worden teruggevonden; vooral niet van het kaartje van de "région du cataclysme", waarop tal van nieuwe eilanden voorkomen, die alleen in het vruchtbare brein van den schrijver bestaan, terwijl alleen de Javakust schijnt te zijn overstroomd, doch de kust van Sumatra geheel ongedeerd is gebleven. En dat terwijl Verbeek's Krakatau ook in het Fransch is verschenen.
De heer Dr. Goudsmit maakte bezwaar om de vertaling van Flammarion's Krakatau op zich te nemen. Op zijn advies wendde zich de Firma Thieme & Cie tot mij. Ik was het volkomen eens met Dr. Goudsmit, dat er van eene vertaling van het werkje van Flammarion in het vaderland van Verbeek moeilijk sprake kon zijn (vooral ook omdat Flammarion's werkje volstrekt niet oorspronkelijk is).
---
Ik heb nu op verzoek van genoemde uitgevers getracht een populair boek te schrijven over Krakatau.
Wie alleen de zuivere wetenschap bemint, vindt hier weinig van zijne gading.
---
Het spreekt van zelf, dat ik menigmaal heb moeten putten bij Verbeek.
De "Royal Society" te Londen benoemde in Januari 1884 eene Krakatau-commissie, die eerst in 1888 rapport uitbracht. Dat werk verscheen onder den titel: "the Eruption of Krakatoa and subsequent phenomena." Over de uitbarsting zelve bevat het niet veel, wat niet reeds bij Verbeek wordt aangetroffen. Toch vormt het eene schoone aanvulling van diens boek, omdat het zooveel later verschenen is en de Engelsche commissie daardoor de beschikking had over feiten, die Verbeek niet bekend konden zijn. Ik heb hierbij vooral het oog op de optische verschijnselen in den dampkring van 1883 tot 1886 waargenomen. Ook het Rapport der "Royal Society" werd door mij geraadpleegd.
---
Mogen deze bladzijden er tevens toe bijdragen om in wijder kring belangstelling te wekken voor het schoone Insulinde, waar, door de uitbarsting van Krakatau, geleden is, zooals slechts zelden op aarde geleden wordt.
R. A. van Sandick
Deventer, September 1890.