Archief Stamboom Kalender Links Gastenboek Contact
Van Sandick
wapen

Femmigje van Leeuwen - van Sandick

Priestervrouw

Bron: http://www.bisdomdenbosch.nl/artikelen/priestervrouw.htm d.d. mei 2003:
BISDOMBLAD 7 SEPTEMBER 2001

Priestervrouw als 'genadegave'

mevrouw F. G. C. van Leeuwen-van Sandick Mevrouw F. van Leeuwen-van Sandick werd in 1951 geboren in een protestants gezin. Van 1969 tot 1976 studeerde zij theologie aan de Rijksuniversiteit van Amsterdam. In 1978 werd zij toegelaten tot de evangeliebediening in de Nederlandse Hervormde Kerk. Haar man diende in de kerk als predikant, tot het echtpaar in 1987 gezamenlijk overging naar de R.K. Kerk.
Vijf jaar later in 1993, is hij met dispensatie in de celibaatsverplichting tot R.K. priester gewijd en is hem bij uitzondering het voorrecht verleend in een parochie als priester werkzaam te zijn. Daardoor heeft het eigen kerkelijke charisma van mevrouw van Leeuwen gelegenheid gekregen om zich te openbaren in een milieu, dat daarvoor allermeest geëigend kan worden genoemd, namelijk een parochie: een kerk in het klein.
Mevrouw Van Leeuwen schreef over haar ervaringen het boek: "De priestervrouw volgens de oude regel van de Kerk. Het getuigenis van Schrift en Traditie" en wij praatten daarover met haar..

Wijding na huwelijk

- Uw boek gaat over de "Priestervrouw". Maar priesters mogen toch niet trouwen? Over wat voor priesters en wat voor vrouwen gaat het dan?

"Dit boek gaat over de echtgenoten van mannen,die na hun huwelijk een wijding mochten ontvangen".

- Maar kan dat dan?

"Ja, want ik ben zelf één van hen. Mijn man was eerst predikant in de Hervormde Kerk, en na onze overgang naar de Katholieke Kerk mocht hij tot priester worden gewijd".

- Dus het mag alleen als je al getrouwd bent. Priesters die al gewijd zijn, en alsnog willen trouwen, mogen dat niet?

"Neen, en dat heeft nooit gemogen, omdat je als priester op een heel andere manier in het leven wordt gezet. Je neemt niet meer mede de verantwoordelijkheid op je voor de schepping, maar je staat voortaan in dienst van God, maar juist wél ten behoeve van de mensen, die midden in de wereld staan".

Roeping
- Maar waarom kon het bij u en uw man dan ineens wél?

"De Kerk gaat er in ons geval van uit, dat wij aan onze roeping om God op een bijzondere manier te dienen, gehoor hebben gegeven, toen we nog protestants waren, zonder dat wij ons toen al tot het celibaat verplicht voelden. Zo willen ze onze roeping honoreren, en daar zijn wij heel dankbaar voor".

- U spreekt over die roeping in het meervoud.

"Ja, dat doe ik eigenlijk zonder dat ik er erg in heb, zo vanzelfsprekend is het. Want door de eenheid van het huwelijk ben je als man en vrouw zo met elkaar verbonden, dat als de man op zo'n andere manier in het leven wordt gezet, dit voor zijn echtgenote net zo geldt. Maar dan natuurlijk niet als priester. Je hebt als vrouw een heel eigen roeping in de Kerk, en die is zeker niet minder".

- En wat is dan uw bijzondere roeping als priestervrouw?

"Heel eenvoudig: Het bruidschap van God, net als Godgewijde maagden, en vroeger ook vaak weduwen dat konden ontvangen".

- Kunt u iets meer zeggen over de vorm, die dat bruidschap krijgt? Mij lijkt het helemaal niet zo eenvoudig.

"Toch wel. Maar je moet het even herkennen. Tenminste, iedere gelovige katholiek die ter communie is gegaan, zal herkennen wat ik bedoel: Je wordt in God opgenomen, en daar ontmoet je Hem en ben je één met Hem op heel bijzondere wijze".

Genadegave
- Is uw boek vooral een relaas van persoonlijke ervaring, of is het ook een studie?

"Het is allebei. Ik werd in mij na de wijding van mijn man een bepaalde genadegave gewaar, en ben toen gaan zoeken in de Schrift en de Traditie, of daarin ook een getuigenis over deze dingen te vinden was, en dat bleek er te zijn".

- Ja, en naar uw boek te oordelen, veel meer dan je zou denken.

"Dat was voor mijzelf ook een aangename verrassing, die ik graag met anderen wil delen. Wie had ooit kunnen denken, dat er in de eerste eeuwen van de kerk, toen priesters ook werden gekozen onder gehuwde mannen, dat er ook bij hen sprake was van celibaat, namelijk doordat zij vanaf dat moment als vanzelfsprekend verondersteld werden in onthouding te gaan leven en dat door hun wijding ook de status van hun vrouw veranderde: de status aannamen van Godgewijde maagden, met eigen regels en kleding".

- Maar wat betekent dat voor onze situatie nu? Zoveel priestervrouwen lopen er toch niet rond, zeker niet in Nederland.

"U hebt gelijk, maar in Engeland zijn het er al enkele honderden, vanwege de overgang van hun mannen uit de Anglicaanse Kerk. Maar verder leven er in Nederland veel vragen rond de roeping van de vrouw in de Kerk en over het celibaat, en daar blijkt vanuit de priestervrouw een verrassend nieuw licht op te vallen. God sluit altijd aan bij de natuur, als Hij mensen er nog een bovennatuurlijke roeping bij geeft. Iedereen kan zien, dat man en vrouw verschillend zijn. En zo'n onderscheid komt ook weer terug als we zien wat Hij daarboven nog aan man of vrouw aan genadegaven kan geven, bijvoorbeeld voor hun kerkelijke dienst. Ik heb nog nooit een man zich erover horen beklagen dat hij geen moeder kan zijn, of dat God daarmee zou discrimineren. Zo zou het dwaas zijn, als ik me erover zou beklagen als bruid van God, dat ik geen priester kan zijn. En wat betreft het celibaat, de Kerk heeft vanaf het begin aan mannen na hun wijding, ook als zij gehuwd waren, de onthouding - ik zeg niet: gevraagd, maar aangeboden. Want er wordt terecht over gesproken als over een prachtige genadegave, en niet als over een zure plicht en een zwaar offer. En dat geldt voor zijn vrouw net zo. Het geldt voor hen als gehuwden voor hen samen. Ik kan er zelf van getuigen dat dit zo is".

- Vindt u de onthouding dan een verrijking van uw leven?

"Ja. Je moet het maar vergelijken met iemand, die eerst in een houten huis woont, dat overigens prachtig is, en van binnen geheel met goud bekleed en met edelstenen versierd, maar nu opeens in een kristallen paleis mag wonen, dat zelf geheel van goud en edelstenen is".

E.S.


F.G.C. van Leeuwen-van Sandick, "De priestervrouw volgens de oude regel van de Kerk. Het getuigenis van Schrift en Traditie". Sint Petrus Canisiusstichting, 2000, ISBN 90 74395 33 3, ƒ49.50./BF 1000.


Treatment for early esophageal cancer - Johanna van Sandick
vanSandick.com